vrijdag 25 december 2009

Klusfeest


De winter bracht de gebreken van het café in Twenterand weer aan het licht: kou, vocht en een bevroren waterleiding weerhielden de eigenaar van zijn eigenlijke werk: dagdromen en mijmeren achter de tapkast. In plaats daarvan begaf hij zich zuchtend naar de Praxis om te zoeken naar praktische oplossingen voor de problemen van het wrakke etablissement. Hij had een hekel aan die winkel, alles was er te duur, zelfs in de opruiming. Nog steeds lieten ze er de videoband van 'De Kabeltemmer' draaien, de eindeloze loop van de boodschap werkte hem op de zenuwen, terwijl hij tussen de schappen dwaalde. Latten, gipsplaat, schroeven, langzaam vond hij wat nodig was om zijn café koudebestendig te gaan maken.
Hij duwde zijn wagentje langs de rekken met kerstprullaria en stond zwijgend in een rij van jonge en oude echtparen, professionele klussers en mat kijkende doe het zelvers zoals hij. De vraag "Spaart u airmiles? van de kassière werd door hem beantwoord met een gemompeld: "Neen, ik heb vliegangst...", maar het ging verloren in een piep van de barcodescanner.
Buiten stond de jongste bediende te kleumen bij de laatste drie scharminkelige kerstbomen. De gipsplaat paste niet in de auto, zodat hij met open achterklep de vrieskou in moest. Bij het nemen van een bocht hoorde hij gekletter van hout, in zijn achteruitkijkspiegel maakte een van de latten een koprol over het wegdek, iemand toeterde hard om hem attent te maken op zijn verlies. Hij stopte en wachtte tot het verkeer verdwenen was om zijn lat van de weg te rapen. De waard bleef even vloekend in zijn auto zitten voordat hij weer verder reed. In zijn hoofd zeurde nog De Kabeltemmer en hij prevelde op schampere toon de slogan van Praxis: "Prettig Klusfeest". Het zou een lastig karwei worden met zijn zin voor perfectie en gebrekkige handvaardigheid. Als eerste daad draaide hij het bordje op de deur om naar GESLOTEN. In de jukebox vond hij een passende song: Handyman.

donderdag 3 december 2009

Netwerkers



Het woord is niet van de lucht bij de nieuwe bezoekers van het café aan het kanaal in de gemeente Twenterand: netwerken. De waard verbaast zich erover, ze zitten druk te praten over hun omzet, kansen en specialismen en waar die te verzilveren, ze doen hem denken aan autisten die proberen te converseren.
Soms waant hij zich in een Engelse kroeg, ze 'twitteren', zijn 'linked in', doen trainingen en workshops en gaan naar 'Open Coffee' gelegenheden. Zonder dat hij het wist geeft de waard nu ook gelegenheid aan deze nieuwe klanten om zich te profileren en de weg te vinden in de 'ratrace'. In plaats van ouderwets een kaartje te leggen schuiven ze elkaar visitekaartjes toe, nippen van hun cappucino en nemen een hapje van hun tosti, hij is er maar druk mee. De Italiaanse koffiemachine maakt overuren, het tostiapparaat krijgt geen rust en de vaatwasmachine draait op volle toeren. Hij wrijft de tap schoon, maar nodig is dat niet, er wordt niet gepimpeld door deze gasten, ze moeten hun geest onbeneveld houden voor de strijd om het bestaan.
Buiten is het druilen van november overgegaan in dat van december, af en toe komt er een vrachtschip langs, maar nooit stopt er meer een om aan te leggen en de schipper te horen zwetsen over het leven. Netwerken was vanzelfsprekend, niemand kende dat woord. Het zijn andere tijden geworden, de morsige waard moet er aan wennen. Hij kijkt naar de Nieuwe Mensen, op hun beurt kijken zij naar sms-jes op hun mobieltjes of bellen even dat 'ze eraan komen'. 'Waar dan?' vraagt de zwaarmoedige uitbater zich in stilte af. De jukebox zwijgt als de Netwerkers er zijn, hij kent zijn plaats in de geschiedenis waar hij een 'Fremdkörper' is geworden. Of is het 'Alien'? Hij denkt (ja, hij kan denken): "Beter een ouderwetsche automaat dan een moderne autist".

dinsdag 17 november 2009

Sinterklaas


De intocht van Sinterklaas ging als vanouds over het donkere kanaal bij het plaatsje in de gemeente Twenterand. De kindervriend zwaaide vanaf de sleepboot 'Atlas' naar de ouders met hun kroost op de wal. Wie goed keek, zoals de waard van het slaperige café, zag in de vermomming de succesvolle speelgoedwinkelier Leeperink, die het met iedereen goed kon vinden en altijd een kwinkslag had voor de kinderen, waarbij hij hun in de wang kneep. Hij was ook wethouder van culturele zaken en verzon leuke dingen voor de mensen in Vroomshoop, waar anderen minder blij mee waren. Dit was zijn 'finest hour', dat zag je aan zijn brede lach en zijn gebaren naar de toegestroomde mensen. Veel kinderen waren niet meer te onderscheiden van de Sinterklaaspieten, ze waren geschminkt en droegen dezelfde pakjes met pofbroeken en mutsen met veren.
"De identificatie gaat wel erg ver'", mompelde de caféhouder tegen niemand in het bijzonder, "straks liggen die kinderen op de bank bij de kinderpsychiater te ijlen over wie ze zijn!". Toen hij weer opkeek van de tap zag hij dat de 'Atlas' teveel vaart had voor het afmeren. De sleepboot raakte de aanlegsteiger met een krakend geluid, de meeuwen schrokken krijsend op en de mensen zagen ontzet hoe de Goedheiligman plotseling in het koude water plonsde. Zijn mijter dreef als een dode vis richting Puntkolkbrug, zijn valse baard hing los en zijn brede lach was veranderd in een paniekerige grimas, Leeperink was de zwemkunst nauwelijks machtig. De kinderen joelden, de ouders veinsden ontzetting maar giechelden zachtjes toen Sinterklaas de staf beet greep waarmee hij naar de wal werd getrokken. "Net goed", gromde de waard, "moet hij maar niet steeds zo moeilijk doen over de verlenging van mijn virtuele volledige vergunning!".
Het voorval deed hem denken aan een grap die vaak verteld werd in de kroeg. Die ging zo: Twee Tukkers lopen langs het Zwolse Kanaal en zien een man spartelen in het water. De man roept: "Hilfe, Hilfe!!, gaat dan kopje onder. De Twentenaren blijven even staan, de man komt weer proestend boven en roept opnieuw: "Hilfe, Hilfe!!", nu nog paniekeriger. De Tukkers schudden hun hoofd, ze lopen verder en de een zegt tegen de ander: "Hie had better zwemm'n können leer'n as Duuts!"

'Reddingsboei bij de Puntkolkbrug', foto: A.M.J. Radstaak

woensdag 11 november 2009

Gouden ei


Aan het einde van een sombere novemberdag bemerkte de eigenaar van het etablissement aan het kanaal naar Zwolle dat er iets niet pluis was. Gewoonlijk kakelden de kipjes achter het café als hij hun eieren ging halen, maar deze keer waren ze muisstil en hokten wat bangig bijeen. Zelfs zijn favoriet Herma, de 'kip met de gouden eieren', had vandaag niets geproduceerd. Ze draaide een beetje met haar kale achterwerk om hem heen, maar kon niet vertellen wat er gebeurd was in de uren dat hij boodschappen was gaan doen in het nabije Den Ham. Een vos? De hond van de buren? Het was een raadsel.
De volgende dag hoorde hij van de stamgasten over een zich 'politieke beweging' noemend groepje dat door het dorp had gemarcheerd onder het slaken van verwensingen tegen iedereen die hun niet beviel. Vooral de naam Herman had vaak geklonken, gepaard gaande met bedreigingen. Geen wonder dat de kippen geschrokken waren en dat juist Herma 'geweldig van de leg was'. De waard moest niets van die politieke beweging hebben en de persoonsverering van hun geblondeerde voorman. Zijn bijnaam in de gelagkamer was 'Praatjesmaker Van Venlo'. Hij voorspelde zijn klandizie dat die beweging nog voor veel 'reuring' zou zorgen, terwijl hij zorgvuldig zijn gouden ei poetste, een geschenk van iemand uit Barneveld. Op de radio hoorde hij het lied 'Anne' van Herman van Veen, zijn gemoed schoot vol, de trillende stem deed hem denken aan zijn troetelkip wanneer zij speciaal voor de waard een glanzend ei legde.

foto: Pluimvee Vak Vereniging, Barneveld.

vrijdag 6 november 2009

Geldmuseum



Op een dag in oktober besloot de caféhouder met Volledige Vergunning de zaak te laten voor wat die was en naar het Geldmuseum in Utrecht te gaan. Daar liep een Expositie over de Kredietcrisis, de ontmoeting met het begeerlijke verdienmodel had hem nieuwsgierig gemaakt en geleerd dat geld niet stinkt, maar lekker ruikt naar parfum. Hij trok zijn beste pak aan, smeerde boterhammen voor onderweg en stapte met zijn lunch en de Tubantia op de trein, wat leesvoer en oordoppen moesten hem beschermen tegen de terreur van mobiele telefoongesprekken.
Aangekomen in de grote stad van de Rijksmunt was hij een beetje beduusd door de drukte, het zou wel nooit wennen voor een provinciaal... De straat naar het museum had een trottoir met tegels in brons van Nederlandse munten, binnen was zelfs een gang waar je kon lopen over een laag kopergeld onder perspex. Hij kreeg een opgetogen gevoel, hetzelfde als Dagobert Duck moest hebben wanneer hij een bad ging nemen in zijn 'lief geldje'. Het was een leerzame tentoonstelling over alles wat er mis was gegaan en had geleid tot de crisis, hoewel hij er nog steeds niet het fijne van begreep. In elk geval had Hebzucht er mee te maken, naast Melancholia een onuitroeibare ziekte bij de mens. In de museumwinkel liet hij een portret van zichzelf maken, daarvan zou met moderne technieken een munt gemaakt worden, zo beloofde het meisje aan de balie. Hij fantaseerde dat die munt het begin kon zijn van zijn droom een Dichtersbank te bezitten, een bank voor alle behoeftigen in deze steeds armer wordende samenleving. In de trein naar Vroomshoop bedacht hij allerlei slagzinnen in modern Nederlands: 'Pin a Poem", 'Hype a text', 'Read my chips' en andere.
Tevreden knagend aan zijn laatste boterham met pindakaas keek hij uit het treinraam naar de files op de snelweg en verlangde naar zijn vertrouwde groezelige virtuele café, waar een paar dagen later zijn kop op een munt ter waarde van 1 Lyra werd bezorgd door de Koninklijke TNT. Het spel kon beginnen...

Kruis en Munt van de munt 1 Lyra Dichtersbank, ill. Louis Radstaak.

vrijdag 30 oktober 2009

Melancholia


Melancholia
Albrecht Dürer, Graphische Sammlung Albertina, Wenen.

'Het zijn melancholische dagen' leest de uitbater van het logement aan het kanaal in Vroomshoop in de Tubantia. De krant neerleggend herhaalt hij de woorden van de scheidende burgemeester van Tilburg. Hij staart naar de lege plek aan de tapkast waar gisteren nog het aantrekkelijke verdienmodel Merita zat. Toen hij terugkwam van zijn 'haircut' in de kapsalon was ze verdwenen, zonder een briefje achter te laten van alles dat in kas was. Een blaadje waait tegen het raam en blijft er even aan vast plakken, als een natte zoen. De waard zucht en neemt een slok van zijn koffie. Hoewel net zo zorgvuldig gezet als altijd, smaakt deze vandaag bitter. Het is herfstig, druk pratende scholieren komen voorbij fietsen, hij kijkt ze somber na. Over het kanaal schijnt een waterig zonnetje, de ogen van de waard worden vochtig. Het leek zo mooi te kunnen worden met dat verdienmodel en zijn Dichtersbank, maar het mocht niet zo zijn. "Tanden op elkaar, of wat er nog van over is" mompelt de vergunninghouder en verdiept zich in de pagina Geld Telt. Uit de speaker van de bejaarde Würlitzer jukebox klinkt Lonely Man Blues van Mica.

zaterdag 24 oktober 2009

Haircut


Elvis
Andy Warbol, Collectie Museum voor Reëele Kunst.

Op aandringen van zijn kersverse muze Merita besloot de eigenaar van het weinig florerende café om even naar de kapper te gaan. Behalve dun en futloos was zijn haar nu ook te lang geworden, het kriebelde in zijn nek. "Ik pas wel even op het café", zei Merita en nestelde zich aan de tapkast. Het haar woei in zijn gezicht toen hij langs het kanaal fietste naar kapsalon In Design. Deze salon onderscheidde zich van anderen door een filosofie uit te dragen, een aangename uitzondering in deze branche. Onder het knippen werd hij altijd bestookt met wijsgerige stellingen waarop hij als leek geen antwoord wist te geven. Bovendien moest hij steeds uitleggen waarom hij nooit op vakantie ging. Zo ook nu, hij zat nog maar net toen het kapstertje hem vroeg hoe zijn herfstvakantie geweest was. Hij murmelde iets onduidelijks dat overstemd werd door de boerenzoon in de stoel naast hem die uitriep: "Bouw der moar un keer langs!". De waard grinnikte zachtjes, die had hij nog nooit gehoord, zijnde een vertaling van wat de boer doet als hij een akker gaat ploegen. Zijn eigen haarwens was even simpel: hij wilde een 'haircut', net als de directeur van de Nederlandse Bank. Eigenlijk niet veel meer dan de spuuglok van Bill Haley, maar dan zonder Brylcreem.
Het meisje ging met zijn hoofd aan de slag, terwijl hij naast de spiegel de filosofie van de kapsalon las: 'Haar op zichzelf is kunst. Tenminste, als je kunst hetzelfde ziet als emotie. Daar komt gevoel bij kijken. Het is een beleving (Beleef). Je wordt ergens warm van, of helemaal niet.' De waard doezelde een beetje weg, schrok op van de Napoleon Blown Aparts op de radio met 'Do you like my haircut' en dacht aan zijn verdienmodel Merita.

woensdag 21 oktober 2009

Zelfportretten




Zelfportretten

Collectie Museum voor Reëele Kunst. Foto: Louis Radstaak©

Toen de jukebox en de waard met zijn danslustige verdienmodel weer tot bedaren waren gekomen zagen ze dat ze niet meer alleen waren. Bij de deur stond een kleine, Oosteuropees uitziende man met een kistje onder zijn arm. Met een zwaar accent zei hij: "Steiner, Saul Steiner is de naam. Ik maken portret van uzelf". Nieuwsgierig keek het verhitte tweetal de man aan. Toen zei Merita: "Wat leuk, mijn ex-baas Dirk Knippenga had ook een groot portret van zichzelf en zijn vrouw, het hing in het Museum voor Reëele Kunst". Ze zweeg even en vervolgde: "Dat is eigenlijk wel een leuk idee, een portret van jezelf, vind je ook niet waard?" Deze knikte instemmend en wenkte het mannetje naderbij. Steiner ging bij hun tafel zitten en maakte zijn kistje open. "Portret maken eenvoudig, alleen vinger nodig" zei hij en stalde een stempelkussen en een blokje Hahnemühle papier uit op het gore tafelkleedje. De waard en het ontslagen Westfriese model keken elkaar verbaasd aan en betastten hun wijsvingers. "Mag ik uw vinger?" zei de man en voegd de daad bij het woord. Eerst ging het vingertopje van Merita op het stempelkussen en daarna op het beroemde Duitse zware papier voor Schone Kunsten. De vettige vinger van de waard volgde en gaf een wat mindere afdruk, maar was toch goed herkenbaar. Saul Steiner bekeek tevreden zijn werk en zei: "Portretten van zelf klaar!". Het zojuist nog swingende tweetal keek een beetje bedremmeld naar de afdrukken maar toen de kunstenaar zei: "Reëele portretten, goed op u lijken!" verdween hun twijfel. Ze zeiden dat ze het helemaal waren en betaalden grif een bedrag dat nogal fors was. De kleine man stopte de bankbiljetten in zijn vale jas en groette beleefd voordat hij wat haastig het scheefstaande pand aan het Zwolse Kanaal verliet. De waard keek verrukt naar zijn rollebolmodel en de vingerafdrukken en zei: "Mooi hè, onze zelfportretten!?". In de verte verdween een kleine gestalte over de Puntkolkbrug, richting Den Ham.

dinsdag 20 oktober 2009

Paulianeus


illustratie: Louis Radstaak

Het verdienmodel Merita op haar beurt bekeek de waard uit haar ooghoeken aan het tafeltje bij het raam, waarlangs een enkel vrachtschip kwam met meestal een vrouwennaam op de boeg geschilderd. "Hij is te oud en te dik", dacht ze "en die neus, dat is werkelijk een kokkerd, nog groter dan het reukorgaan van haar ex-baas en dat mocht er ook zijn!". Sinds ze ergens gelezen had dat Aziaten Hollanders het volk met de lange neuzen noemen was ze er op gaan letten, op het dwangmatige af. Hoewel net als de Schaatsbankier van Westfriese afkomst had ze zelf een grappig neusje boven een grote zinnelijke mond die nu proefde aan de prosecco en het potentieel van de waard die haar zojuist over zijn dichterlijk financieel project had verteld. Hij deed haar denken aan Knippenga, een fantast van het zuiverste water mét charisma. Dat laatste miste deze grove, wat melancholiek uitziende man ten enen male, maar ze dichtte hem een goed hart toe. Hij kwam weer naar haar tafel met een charmante glimlach en een vol glas van het mousserende drankje dat dit jaar zo in was. De waard hief zijn glas schuimend bokbier en zei: "Proost, op uw gezondheid en uw schoonheid!". Merita lachte koket en tikte haar glas tegen het zijne terwijl ze zei: "Santé, op het handelen van de paulianeus en speciaal de uwe!". De waard begreep deze zin niet en lachte maar wat, terwijl hij een duik nam in het kanaalblauw van haar ogen, langs zijn neus weg haar decolleté bestudeerde en haar geur opsnoof. Plagerig tikte ze hem op zijn brildrager en zei: "Draai het nummer 'Money' van Annie Gallup in de jukebox en laten we gaan dansen!". De caféhouder van alle vergunningen was in de zevende hemel van de gemeente Twenterand...

maandag 19 oktober 2009

Verdienmodel

illustratie: Louis Radstaak

Opeens was ze er: Merita, het verdienmodel. Ze ging zitten aan een tafeltje bij een caféraam en bestelde een prosecco. De waard moest wel even zoeken in zijn drankkast, maar hij kon toch voldoen aan haar wens en serveerde het modedrankje zwierig, want hij was niet ongevoelig voor vrouwelijk schoon. Ze wenkte hem om te gaan zitten aan het tafeltje met groezelig kleedje en begon over haar bezigheden. "Merita heet ik", zei ze met een lichte rookstem, "ik ben verdienmodel, maar sinds vandaag zit ik zonder werk, want mijn baas is failliet". Ze zweeg even en vervolgde: "Dirk Knippenga was mijn baas en ik deed het heel goed bij zijn bank als model, totdat de klad erin kwam, enfin, je hebt het waarschijnlijk wel gelezen in de Tubantia". De waard knikte, hij had de zaak met belangstelling gevolgd en had plannen om hetzelfde te gaan doen met zijn 'Dichtersbank', de bank voor dichters en andere arme duivels. Merita hoorde zijn plan aan en een sluwe glimlach verscheen op haar gezicht. "Maar beste waard", zei ze tegen de caféhouder, "het lijkt me dat wij zaken kunnen doen en misschien wel meer dan dat!", terwijl ze betekenisvol knipoogde. De gestalte tegenover haar bewoog onhandig en bloosde, terwijl hij dacht: "Een muze, wat is een Dichtersbank zonder een mooie muze?". Hij stond op om nog een prosecco te halen en liet zijn blik heimelijk dwalen over de goddelijke vormen aan het tafeltje in het verveloze café aan het Zwolse Kanaal in Vroomshoop.

woensdag 14 oktober 2009

Logo


Logo van de DICHTERSBANK® Letter: Staccato 222 BT.

Terwijl de waard op weg naar de Rabobank net als de pianist Liberace het huilen nader stond dan het lachen kreeg hij een idee: 'Waarom niet zelf een bank beginnen?' 'Makkelijk zat' om met Rooie Fred te spreken, Dirk Knippenga had het ook gedaan; ijverig bonnen uitschrijven, een kasboek netjes bijhouden en zorgen voor een goede uitstraling. En gewoon blijven doen, een kaartje blijven leggen met de klandizie, niet naast je schoenen met gaatjes gaan lopen.
Nadat hij bij de bank met de ongure Servokroatische naam zijn zaakjes geregeld had fietste hij over de Puntkolkbrug terug naar zijn intieme café. Hij ging een logo ontwerpen op zijn oude Apple computer. Het was al donker geworden toen hij opkeek van het beeldscherm en in de schemering het water zag rimpelen in de najaarswind. Tevreden keek hij naar het logo van de Bank voor Armen die hij zou gaan oprichten: de DICHTERSBANK. Voortaan zou niets meer hetzelfde zijn in de bankwereld, deze bank zou het wak vullen waarin de Schaatsbank van Knippenga was verdwenen.

dinsdag 13 oktober 2009

Schaatsbank



Portret van de oprichter van de Schaatsbank.
Collectie Museum voor Reëele Kunst. Foto: Louis Radstaak©

Het tumult in Wognum is de waard van het noodlijdende café aan het kanaal in Vroomshoop niet ontgaan. Op het beeldscherm van de in een hoek van de gelagkamer hangende oude Philips tv volgt hij de ontwikkelingen rond de Schaatsbank hoofdschuddend. Zijn klandizie kijkt mee en ondertussen diep in het glaasje. "Dirk" roept rooie Fred, "Ie'j hebt er 'n puijnhoop van 'emaakt!" en zijn drinkebroers knikken allen instemmend. Ze zien het somber in voor de schaatsers op het Zwolse kanaal: weg team, weg salaris, weg klapschaatsen, terug krabbelen naar huis op Friese doorlopers. Onderweg van honger in een wak hengelen naar een Zalm, maar die soort is al naar veiliger oorden vertrokken. De wal op klunen naar hereboeren van het type van Winstschoten en door hem gedreigd worden met het bellen van de wachtmeester der Rijkspolitie 'himself'. De waard droogt zijn handen aan zijn morsige voorschoot en maakt zich op te gaan doen wat hem geadviseerd is: een nieuwe bankrekening openen. Die van de Schaatsbank doet het nog tot woensdag, daarna is het waarschijnlijk afgelopen. In de spiegel achter de tap ziet hij de hoofden van gladde palingen als Frank de Raaf, Ed Naaipels, Klaas Wijting en andere baantjesjagers. 'De wereld is een lagere schoolplein', verzucht hij, 'na het speelkwartier voel je je weer beetgenomen door die rotzakjes'. Hij hoopt op een strenge winter, waarin vette vissen het moeilijk krijgen onder het kanaalijs. Op de schaatsbank voor het café zal hij onverschillig toekijken, neemt hij zich voor. Zuchtend stapt hij op de fiets, de Rabobank wacht al op hem. 'Wacht eens' dacht hij, 'wat betekent Rabo ook weer in het Servokroatisch?'.

vrijdag 9 oktober 2009

Oktoberfeesten


illustratie: Louis Radstaak

Uit het nabije Duitsland zijn ooit de oktoberfeesten overgewaaid, dit weekend gaat het 'los' in het zwaar concurrerende Cafe De Radstake met Heino, de hoogblonde laag zingende en slechtziende 'Schlagerprinz'. De waard moet met lede ogen en dito zaal aanzien dat het Twentse volk naar de Achterhoek trekt voor bier en 'brommers kiek'n'. Toch is er een lichtpuntje in het donkere café aan het stille kanaal: een nieuwe jukebox, besteld in China. Ze maken daar alles (na) en je kunt krijgen zoals je het hebben wilt. Dus staat daar nu een fonkelnieuwe Hein-o-la, gevuld met meezingers van de bekende tekstdichter Bastiaan Hiele. Vergenoegd bekijkt de waard het muziekmeubel en duwt een euro door de sleuf. Heino komt tot leven, de bassen dreunen, de hoge tonen snerpen, voorbijgangers kijken bevreemd naar de zware gestalte met bierbuik die zowaar met enige elegantie door het etablissement beweegt. De meeuwen aan de waterkant zijn opgeschrikt en een eind verder neergestreken in het avondlicht. De waard neuriet "Altijd oktober, altijd bladeren, altijd dit lege hart" en deint door de gelagkamer met een glaasje jenever in zijn morsige vingers en een weemoedige blik in zijn waterige ogen. Een passant mompelt: "De waard kump thoes!".

woensdag 7 oktober 2009

Oranjebitter


Aan de overkant van het cafe´bij het Zwolse kanaal in Vroomshoop lag de replica van de HMS Beagle nog steeds aangemeerd. De passagiers hadden het scheepje de vorige dag ordelijk verlaten, tenslotte was het een keurig gezelschap: de Bond van Oranjeverenigingen. Zij hadden hun jaarlijks congres gehouden in de zaal van een concurrent, stelde de waard van Café Radstaak de volgende dag enigszins bitter vast. In deze barre tijden kon hij best een extraatje gebruiken, ook al had hij een hekel aan Oranjeklanten. Hij dacht aan de dichter Richard Minne en diens mooie regels: "Veracht de burgerman, maar ledig zijne kruiken". Graag had hij de omzet van zijn Oranjeboombier en Oranjebitter royaal zien stijgen; het mocht niet zo zijn. Hij stond op en legde een portie bitterballen in de magnetron, terwjl hij zijn manchester broek opnieuw vastmaakte aan zijn slappe bretels. Zuchtend ging hij weer zitten en las verder in de Tubantia. Hij las de kop 'Prins moet weg uit vastgoedproject' en dacht aan de mooie villa Espérance een eind verderop aan het kanaal. Zou dat niet wat zijn voor Alexander? En ook goed voor de omzet, want de Prins houdt wel van een biertje... Hij nam een slok koffie en hapte in een te hete bitterbal, zijn vloek was buiten te horen, maar niemand nam aanstoot. Niemand zag ook dat hij de rest van de dag liep met een oranje Bic balpen door zijn brede neus, zoals hij dacht dat ze in Mozambique deden. "Verrek", dacht hij hikkend en oprispend, "Bic en Mozambique rijmen".

maandag 5 oktober 2009

De reis van de Beagle



De herfst diende zich aan met wind en regenvlagen bij het Zwolse Kanaal. De waard van het stille café keek over het water naar de sierlijke brug die open ging. Hij kon zijn ogen niet geloven: daar kwam een zeilschip met de naam 'Beagle'en het ging aanleggen bij de Puntkolk tegenover het café. Darwin, schoot het door hem heen, hier in Vroomshoop!? In zijn opwinding liet hij een dienblad met bierglazen uit zijn morsige handen vallen en beende naar buiten. Zou het dan toch waar zijn dat hier in deze diamant van de gemeente Twenterand de oorsprong van alle soorten en mogelijk zelfs de mens te vinden zou zijn? Opeens voorzag hij een grote toeloop naar zijn café en ging schielijk weer naar binnen om de scherven op te ruimen voordat zijn vaste klandizie kwam. In de spiegel achter de tap bekeek hij zijn brede kaken, platte neus en diepliggende ogen onder een vooruitstekende schedel en voelde een lichte trots over zijn nederige afstamming uit dat mooie Duitse dal. De jukebox kreeg de opdracht het nummer Bottle van ene Guy K te spelen.

donderdag 17 september 2009

'Standbeeld'

Op zaterdag 29 augustus was de waard van het morsige virtuele Café Radstaak getuige van de onthulling van het 'standbeeld' (hoorde hij de mensen zeggen) vanwege het 150-jarig bestaan van Vroomshoop (Ov.). Een dikke haag mensen stond te kijken naar het in oranje plastic verpakte sculptuur op een straathoek. De muziekkapel speelde een monter lied en de majorettes stapten kleumend op de maat. Een gure wind woei, de resten van orkaan Bill kwamen over met spatten regen op het jubilerende dorp. De waard probeerde de onthulling te filmen vanachter wat langere mensen door de camera op zijn hoofd stil te houden.
Thuisgekomen zag hij dat het bronzen beeld van een menselijke piramide vrijwel onzichtbaar was geworden door zijn voortdurend opwaaiende haar. Op zijn beurt viel het donkere brons zonder oranje plastic weg tegen de bladeren van de boom erachter. De waard bezag zijn amateurisme met eeen lichte ergernis, maar stelde zich daarna tevreden met deze 'verhulling van een onthulling'. Niets meer aan te doen, hij schonk zich een borrel in en proostte op het caféwezen, 150 jaar Vroomshoop en de met Bill uit de USA overgewaaide ex-Vroomshooper Jan Kassies die hij gezocht had maar niet kon vinden. In de Jukebox draaide hij 'Statue of a Fool' en bekeek zijn kop in de verweerde spiegel.

zaterdag 22 augustus 2009

De waard droomt


De waard van Café Radstaak stond te dromen bij een tramhalte in Praag, de tram kwam en verdween om de hoek zonder hem. Hij begon te lopen, de stad uit, naar het platteland. Op de landweg begon een hevige wind te waaien over het kale landschap, hij kwam nog nauwelijks vooruit. Even dacht hij al dicht bij zijn vaderland te zijn, maar het was alleen de gelijkenis met het landschap: weiden omzoomd met populieren. De straatnaambordjes waren echter in het Tsjechisch.
Er kwamen karren aan, met paarden ervoor en zingende boeren erop. Hij wilde een lift, terug naar de stad. Een boer zong een lied in gebroken Nederlands, over de deugden van de vrouw, maar ook haar ondeugden. Hij luisterde er glimlachend naar, terwijl hij tussen de karren voortsjokte met een zware linnen zak die over zijn schouder hing. De zak stond bol van paperassen, zoals de dichter Chlebnikov bij zich had op zijn zwerftochten door Rusland.
Terug in de stad nam hij een baantje als sorteerder van bakstenen en bezag trots een groeiende stapel rode stenen. Waar die toe dienden was onduidelijk, er kwamen geen afnemers en de stapel groeide uit tot een berg. In een kiosk om de hoek zag hij een affiche met een afbeelding van een figuur met een pestmasker, achter hem een middeleeuws tafereel. Het was een aankondiging voor het Chlebnikov Carnaval in Kessel-Lo, bij Leuven. Hij hield op met stenen stapelen en ging op weg, naar België.
In de verte meende hij al de onbegrijpelijke 'Phonetische Poëzie' van Chlebnikov te horen: Ora Smetis, Ora Smetis...

maandag 6 juli 2009

'Caféracerdag'




Zondag 5 juli 2009 snorde de morsige waard op zijn Kreidler van Vroomshoop naar Achterveld, een plaatsje bij Barneveld. Hij wou dat wel eens meemaken, zo'n samenscholing van oude rockers met hun meest Britse motorfietsen, of zoals de speaker zei: "van Engelse makelaardij".
Hij zag bij aankomst een demonstratie van hoe te arriveren bij het café: Iets te hard aan komen rijden, even wachten op aanwijzingen van de steward, het aangereikte kunststoftegeltje (tegen het wegzakken in het grasveld op de 'jiffy') tussen de kaken klemmen en een kort sprintje trekken naar de parkeerplaats.
De plek waar de deugnieten hun trots parkeerden was bij zaal 'De Moespot', in het Nedersaksisch bekend als een pan boerenkool. Maar voor dat heerlijke gerecht was het te warm, de bikers en hun dames konden hun tattoo's eens goed laten zien. Ook de motoren mochten er zijn, de waard stond soms te likkebaarden. Hij herkende een drietal klassieken die hij zelf ooit bezat en bekeek met gemengde gevoelens zijn fletse spiegelbeeld in een glanzende benzinetank. Onlangs had hij eens geteld en gewogen welke hij allemaal had bezeten van het magische fenomeen motorfiets, na Pegasus het begeerlijkste paard voor een dichter. Hij kwam tot veertien stuks en rangschikte ze enigszins op rijm tot de klaagzang 'Trial and Error'.
Geamuseerd liep hij rond te 'kieken' bij de machines, snoof de geur van hamburgers en uitlaatgassen op en merkte weer hoe goed de sfeer is onder motorliefhebbers.
Na het uitreiken van de trofee voor de mooiste 'Wankel'motorfiets brak de samenscholing op en brulde de straat uit, zich verspreidend over de mooie stuurweggetjes rond Achterveld. De waard besteeg zijn brommer en nam de langste weg naar huis. In Voorst bij Zutphen bekeek hij even zorgelijk de houten bouwval van zustercafé 'Stationskoffiehuis Radstaake'. "Het is moeilijk in de horeca", zei hij tegen niemand in het bijzonder. Even later zag hij een hele groep oude nozems op hun Kreidlers, de meesten met een wit snorretje. In zijn helm prevelde hij de titel van Hans Mellendijk's gedichtenblog: "Hoe vliegt de tijd".

Klik hier voor details van deze dag

donderdag 18 juni 2009

"Daai is rerig so beautiful..."



Gert Vlok Nel in Hengelo (O.)

Woensdag 17 juni 2009 was een zwoele dag waarop de waard van het virtuele café aan het stille Zwolse Kanaal besloot naar het Rabotheater in Hengelo (O.) te gaan. Hij had zich in zijn beste pak gehesen, maar om zich heen kijkend bemerkte hij dat hij uit de toon viel bij de 'casual' geklede medemensen in de trein. Op het programma stonden Breyten Breytenbach en andere dichters, maar de waard kwam voor Gert Vlok Nel, de kleine bard uit Zuid-Afrika. Verlegen en introvert stond Gert op het podium, ook zijn gitaar was klein. Zijn repertoire is muzikaal niet spectaculair, maar wat een indringende manier van zingen! Hij lijkt voor zich zelf heen te neuriën op een gammele bank in een warme nacht over de pijn van het leven en de liefde die hem ontglipt in het verscheurde land. De waard hield zich groot, maar de tranen brandden achter zijn ogen, tot na het concert. In de lauwe avond nam hij een Duvel op het theater terras en staarde naar de hemel, het was nog steeds een beetje licht. In zijn vochtige ooghoeken zag hij Breyten die veel omhelsde en omhelsd werd. Gert was nergens te zien. De hemel beware dat hij ooit gelukkig wordt en zijn tranen en poëzie opdrogen, bedacht de waard voordat hij kordaat naar het station liep voor zijn trein, ook een motief in het werk van Gert Vlok Nel.
De volgende dag zag de groezelige uitbater van het scheefgezakte café op zijn oude computer deze mooie regel commentaar bij een filmpje op YouTube:
"Daai is rerig so beautiful, dit breek my, elke keer weer."

vrijdag 5 juni 2009

Vlag van Nunavut




De vlag van Nunavut werd aangenomen op 1 april 1999, de dag dat dit Canadese territorium ontstond uit de Northwest Territories.
De vlag bestaat uit een geel-wit veld met daarop een rode Inuit-mijlpaal en een blauwe ster. De kleuren symboliseren de rijkdommen van het land, de zee en de lucht. De blauwe ster is Niqirtsuituq, de Poolster en symboliseert ook het leiderschap van de ouderen. De uitbater van Café Radstaak vindt het een mooie vlag, de mijlpaal van stenen in de vorm van een menselijke figuur ontroert hem. Ze hebben daar vast veel café's, er is veel alcoholisme onder de Inuit, zoals de Eskimo's zichzelf noemen. Nunavut betekent 'ons land', het wordt druk bezocht door wetenschappers op zoek naar olie en andere rijkdommen. Enkelen van hun vonden in 2007 bij toeval de resten van een voorouder van de zeehond, zoals die al door Darwin voorspeld was. Zijn naam werd toegevoegd aan die van 'jong zeezoogdier' in het Inuktitut: 'Puijila'. Zou het een leuke hond geweest zijn voor een cafébaas daarginds? En zou Heineken daar ook het bier bezorgen? De waard zucht en toetst met zijn vettige vingers een nummer op de jukebox: 'The blizzard' van Eskimo and Sons.

vrijdag 22 mei 2009

Aanwinst














































“Niet helemaal amateuristisch, deze compositie”, dacht de waard toen hij het met drie euro geprijsde doekje in zijn vingers hield. Lokaal gemaakt, aan de spoorlijn van Winterswijk naar Arnhem dan wel Zutphen? De signering zou VH kunnen zijn maar ook NN. In 1979 zag de eigenaar van het café een tentoonstelling in Moskou door de ‘Bond van Schilderende Spoorwegarbeiders’, aandoenlijke voorstellingen van het dagelijks leven in Rusland. Dat leven is hier afwezig, alleen de schilder met zijn veldezel en het landschap met rails in de zinderende zondagmiddag...
    In het virtuele café hangt de ‘Aanwinst’ boven de tapkast, naast een schets van de waard over de spoorlijn van Hengelo via Vroomshoop naar Zwolle. In de jukebox zit een passende 'Railroad Blues' van Woody Guthrie.

maandag 20 april 2009

Tea tea


   Het café was toe aan nieuwe bierpullen en de morsige waard wil zijn goede smaak tonen met de aanschaf van deze theemokken. De vaste jongens moeten er aan wennen, de meesten zijn ongeletterd en nooit in Londen geweest, maar wel naar de TT en daar proosten ze op: "Jongs, töt biej d'n Thee thee!".
   Rossi vertrok 27 juni 2009 op zijn geliefde circuit, zoals gewenst bij droog weer, van poleposition maar zag Stoner voor de eerste bocht voorbijkomen. De wereldkampioen van 2007 mocht precies één ronde vooraan rijden. Daarna stelde Rossi orde op zaken en begon hij aan zijn triomftocht over het Drentse asfalt. Hij nam meteen de leiding in het wereldkampioenschap. Lorenzo en Stoner, die voor de race in Assen evenveel punten hadden, leverden allebei in.
    “Het is een onvergetelijke dag en ik ben blij dat ik deze mijlpaal bereik in Assen. Deze plek heeft historie en mijn vader heeft hier ook ooit gewonnen. Ik beschouw Assen als de universiteit van de motorsport’’, zei de 30-jarige Rossi, bijgenaamd ‘The Doctor’, na afloop. ‘’Het was een saaie race, maar ik ben dolgelukkig. Het team van Yamaha heeft een motor gemaakt die vliegt. Geweldig. Maar ik zou het niet kunnen zonder de steun van mijn familie en vrienden. Die geven me de motivatie om door te gaan.’’ (ANP)

The mug is officially licensed through the London Transport Museum and features the P22 London Underground font, also licensed through the museum. The mug contains a sample of the famous Johnston Underground type design, an alphanumeric showing and a quote by the original designer, Edward Johnston: "... The essential virtues of good lettering are readableness, beauty, and character.

zaterdag 11 april 2009

Bob Dylan in Heineken Music Hall


Bob Dylan op 'Triumph Bonneville'.

Waarschijnlijk zal De Grote Bard nooit optreden in Vroomshoop bij Café Radstaak. Dus ging de waard met vrienden naar de Grote Stad om Hem te zien en te horen. Thuis, achter de tap noteerde hij zijn beleving van de avond die daar eindigde in een onweersbui. Hij stuurde onderstaande 'recensie' ook aan dit weblog over Bob Dylan in Nederland.

“Schlagt ihn todt den Hund! Es ist ein Recensent”, schreef Goethe in 1774, maar toch wil ik - een zestiger - het erop wagen. Voor het eerst en laatst zag ik hem in Muziekcentrum Vredenburg (Utrecht), ergens in de jaren '90 van de vorige eeuw. Toen was ik hevig aangedaan bij het zien van de meester van de Frasering en het rolmodel Dichter uit mijn jeugd. Nu zie ik in de Heineken Hall een kleine gestalte van opzij met hoed en lange jas over leren broek in de toneelkijker die ik van vrienden mag vasthouden. Bijna het hele concert staat hij zo achter zijn keyboard dat Hammondorgelachtig klinkt, een beetje zoals in The Band bij Garth Hudson. Achter hem een onhoorbare steelgitarist en verder een keiharde, strakke drummer die samen met de bassist een zware dreun produceert. De twee gitaristen doen denken aan The Bluesbrothers, ook zij spelen hard en afgemeten. De band komt op gang als een zware, lange trein in een cadans van arrangementen voor oude en nieuwere nummers. Sommmige herken ik pas halverwege, zoals 'Highway 61', door de terloopse manier van zingen bijna een parodie op het origineel. Het heeft één groot voordeel: het publiek kan niet mee gaan zingen en deinen, want dat moet Hem een gruwel zijn, zo bedenken wij later. In de speellijst zit ook een favoriet: 'I'm walking' en ik krijg er net zo'n kippenvel van als op de CD. Wat een nummer, een monument van totale desillusie, totale verlatenheid, een faillissement van het gevoel. Van tijd tot tijd gloeien in het donker de beeldschermen op van mobieltjes, een soort zwijgende instemming met het gebodene. De meeste variatie in het geluid brengt de steelgitarist, als hij gaat spelen op een banjo, die klinkt als een mandoline of met zijn viool mooie tonen toevoegt aan het orgel. Na de set volgt er een toegift, de kreet "Zugabe, zugabe" van iemand achter mij is verhoord. Daarna zwijgen Bob Dylan and his Band, het publiek begint te schuifelen naar de uitgang en meteen te recenseren: "Ik vond dat nummer toch zó anders, ik moest er erg aan wennen" hoor ik de ene vleesgeworden grijze macramé-dame zeggen tegen een dito andere. Wij ontmoeten een kennis die tevreden vastelt dat de zanger goed bij stem was, voorzover van toepassing bij de binnenkort 68-jarige. Volgende maand is het zover, leg Goethe opzij, draai uw favoriete nummers en schreeuw uit volle borst met schorre stem mee in Huize Avondrood op de 24ste!

    Onlangs kreeg Bob Dylan de Nobelprijs, in 2016. Hij kwam zelf niet, ‘vanwege verplichtingen elders’, maar liet een tekst voorlezen door de Amerikaanse ambassadrice in Zweden en een lied zingen door Patty Smith.
    Zij zong ‘A Hard Rain’s Gonna Fall’, mooi en gekweld door haar zenuwen. Hierboven zit de bard in zijn jonge jaren op een Triumph Bonneville, hij heeft niet eens zijn voeten op de steunen, het zal wel niet erg hard gaan. Hij had er een ongeluk mee, maar dat was niet ernstig en hij gebruikte het om uit de ‘ratrace’ van de folkmusic' te komen waarin hij verzeild was geraakt.
    Een tijdlang was de Bonneville uitgestorven, de fabriek ging failliet,  maar wat een wonder: hij leeft weer voort in een wederopstanding, nu met een watergekoelde motor en grotendeels dezelfde ‘looks’ en met hetzelfde bescheiden motorvermogen uit een parallelle twin, maar dan met een blok anno nu: zonder trillingen, met ABS, elektronische inspuiting en met een USB oplaadpunt, alsmede tractieregeling en nog zo wat dingen...

dinsdag 31 maart 2009

BEER2D2


De waard komt zelden de deur uit, liever dan op het Zwolse Kanaal surft hij op het web. Zo kwam hij in 'Geek'enland terecht. Daar werd hij vertederd door deze huisvlijt Beer2D2 (naar het kleine robotje R2D2 uit 'Starwars') op www.geekology.com. Hij nam het apparaat mee en zette hem op de tapkast. "Bleep-a-bleep, Tweet-a-tweet, Bleep?" C-3PO draait iets uit de jukebox, het kan niet missen: een 'fout' nummer.

Beer2D2
's technical specs:

Head - 1945 chrome BLC utility light shell.

Eye - vintage movie camera lens w/adjustable spring-loaded aluminum casing.
Body - 4.7 liter "adult soda" mini-keg.
Legs - propane tank valve handles, brass spacers, drilled-out washers, pair of aluminum Lady Josephine shoe butler (wall-mounted shoe shine holders).
Feet/base - 3 mini bread loaf pans, lamp hardware and a 1/2″ precision drilled aluminum base plate.
+assorted nuts, bolts, screws and, of course - lockwashers!

zondag 29 maart 2009

Omnibus



De bus van het INSTITUUT VOOR PRAKTISCHE POËZIE die in de praktijk nooit ging rijden en de bus op de CD-cover van GLERUM OMNIBUS ONE: het is (bijna) dezelfde vergeelde 'Verheul'. Het voertuig van de Gelderse Tram Wegen vervoerde mij naar saaie scholen, piepte, zuchtte en steunde met rammelende banken over zijn traject. Soms zat er een aantrekkelijke conductrice in die je kaartje knipte maar jou verder niet zag zitten, terwijl je heimelijk gluurde via het raam naar haar vormen in een donkergroen uniform en naar jezelf: geen rock 'n roll, geen jazz, alleen de Verheul Blues. In de jukebox: Fly over (3.56 min.) van Ernst Glerum.

dinsdag 10 maart 2009

De Motor



Het filmpje toont een 'Vincent HRD Serie B Rapide' motorfiets uit 1948 van A. Hernandez in Californië. In de Boekenweek 2009 tjielpt 'De Mus' van Jan Hanlo in De Literaire Zoo. Jan reed op een identieke motor, voor die tijd een beest van een machine, met een topsnelheid van meer dan 200 km/u. Op een kwade dag in 1969 sloeg een tractorbestuurder vóór hem af zonder op te letten. Jan overleefde nog enkele dagen zijn verwondingen. Zijn gedicht De Mus (1954) werd onsterfelijk en wordt mooi achteloos gezongen door een andere Limburger: Tom America. Luister er naar in de jukebox en bekijk het gedicht (en de motor).

De Mus

Tjielp tjielp - tjielp tjielp tjielp
tjielp tjielp tjielp - tjielp tjielp
tjielp tjielp tjielp tjielp tjielp tjielp
tjielp tjielp tjielp
Tjielp, etc.

zondag 22 februari 2009

De dichter

Op een zondag in Februari verscheen een wat zonderlinge figuur in het café aan het Zwolse Kanaal. Hij ging zitten aan een tafeltje en hield zijn zonnebril en muts op. De man bestelde een wodka en beweerde dichter te zijn, op zoek naar een gehoor, in ruil voor drank. De waard keek hem sceptisch aan en zei dat er geen belangstelling was voor zijn soort in Vroomshoop. "Daar hebben ze wel wat anders aan hun hoofd", voegde hij er nog aan toe. Toch was hij een beetje onder de indruk van de hardnekkigheid die deze man uitstraalde. Uiteindelijk besloot hij een filmpje te maken, met als achtergrond de deur van de Scheepsjagers-wc. Er woei een gure Noordenwind en het sneeuwde, terwijl de dichter 'Sjamaan' voorlas, enigszins kortademig. Daarna pakte de zonderling zijn spullen en verliet hij mompelend en kuchend het café, nagestaard door de waard, die zijn hoofd schudde.

donderdag 19 februari 2009

Tractor 'slooprijp'


De uitbundige ijsafzetting op de onderdelen van deze tractor gaf het woord 'slooprijp' een geheel nieuwe betekenis. Het kostte enige moeite te achterhalen welk model (foto: Ellen N.N.) hier staat te versterven in de Zuidhollandse drassige bodem. Waarschijnlijk is het een Nuffield, type 10/60, te oordelen naar de grille (zonder afdekgaas), het onherkenbaar bevroren embleem en het gat voor aanslingeren. De naam is afkomstig van de titel 'Lord Nuffield', die door William Morris werd gekozen toen hij in de adelstand werd verheven. Hij was de stichter van de succesvolle Morris Motor Company, die later opging in BMC en nu nog herinnert aan de Mini van BMW. Het wachten is op een handige cowboy die deze voormalige schoonheid in 'poppyred' weer tot leven zingt. Draai tot de tijd rijp is in de jukebox het nummer 'Space Tractor' van de Leningrad Cowboys.

donderdag 12 februari 2009

Darwin Dub


Vandaag tweehonderd jaar geleden werd Charles Darwin geboren. Dat heeft een boel gedonder gegeven, zoals in Dover, Pennsylvania, waar zijn leer een onderwijsverbod kreeg om 'constitutionele redenen'. Reden om in de jukebox het nummer 'Dub fi Dover' te draaien en de dag door te brengen in zware basdreunen en dikke rookwolken. De waard denkt dat Andries Knevel nog langs komt en neuriet de 'lyrics' mee in zijn slechte Engels:

Dub fi Dover

Tell de children de truth now, mi bredren!
Tell de children de truth mi sistren!
Tell de children de truth!
Tell the children the truth now, my brothers!
Tell the children the truth now, my sisters!
Tell the children the truth!


Vicktry fi Science inna Dover Pennsylvania! Vicktry fi Science!
Victory for Science in Dover Pennsylvania! Victory for Science!

Big it up fi Tammy Kitzmiller!
Let's congratulate Tammy Kitzmiller!

Respec' mi sister! Respec'!
Respect, my sister! Respect!

Big it up fi Bryan and Christy Rehm! Big it up for Deborah Fenimore, Joel Leib, Steven Stough and Beth Eveland!
Big it up fi Cynthia Sneath and Julie Smith, Barrie and Fred Callahan!
Big it up fi Nick Matzke and the NCSE!
Let's congratulate Bryan and Christy Rehm etc.

Big it up fi Judge John E. Jones III! Listen to im word!
Let's congratulate Judge John E. Jones III! Listen to his words!

Judge Johnny E! What im say bout ID?
Judge Johnny E! What does he say about ID?

Dat it violates de Constitution and de spirit a de American revolution!
That it violates the Constitution and the spirit of the American revolution!

Evolution a fact, not just theory!
ID no science: no, it religion
ID is not science: no it is religion
What about falsifiability!
It come a cropper wid Popper!
It comes a cropper with Popper!

What im say about de defendant-dem? Dem lie and lie again!
What did he say about the defendants? They would time and again lie!

Chant dem down! Mi seh: Chant dem down! Chant dem down! Mi seh: Chant dem down!
Chant them down! I say: Chant them down! Chant them down! I say: Chant them down!

Chant dem down wid Reason and Logic!
Chant them down with Reason and Logic!

Chant dem down wid facts and Science!
Chant them down with facts and Science!

Chant dem down wid Biology and Philosophy!
Chant them down with Biology and Philosophy!

Chant dem down wid de Rule of Law!
Chant them down with the Rule of Law!

Mek we fight mytology wid Geology!
Let us fight mythology with Geology!

Mek we fight confusion wid de Constitution!
Let us fight confusion with the Constitution!

Vicktry fi Science inna Dover Pennsylvania! Vicktry fi Science!
Victory for Science in Dover Pennsylvania! Victory for Science!

Big it up fi Tammy Kitzmiller!
Let's congratulate Tammy Kitzmiller!

Respec' mi sister! Respec'!
Respect, my sister! Respect!

Tell de children de truth now, mi bredren!
Tell de children de truth mi sistren!
Tell de children de truth!
Tell the children the truth now, my brothers!
Tell the children the truth now, my sisters!
Tell the children the truth!

dinsdag 3 februari 2009

Zeepkist


Uit de oude doos: ansichtkaart van een zeepkist uit de 'San Francisco Soap Box Derby' 1975. Kaart 8 van 10 uit de serie 16 Phantastisches auf Rädern door Gebr. König Verlag, Köln. Foto: San Francisco Museum of Art.
Het is een warme dag in augustus en de vermoeide bestuurder is iets gaan drinken in het café. Schrijven in wedstrijdverband kan zwaar vallen en de auteur is niet zo jong meer. De voorbijgangers lijken hem aan te moedigen met een kreet als: "An unhappy childhood is a writers goldmine!". De schrijver lacht bitter...

vrijdag 2 januari 2009

Museum voor Tekenkunst


Er is geen specifiek museum voor Tekenkunst in Nederland, maar wel een gebouw dat als huisvesting zou kunnen dienen: de zendmast van KPN in Markelo (Ov.). Er zijn echter andere plannen, o.a. voor gebruik als 'varkensflat' en recent als gevangenis. Het schijnt ideaal te zijn voor een cellencomplex zoals Justitie dat noemt. Hmm, dan toch liever een museale functie, met heel veel 'tekenkamers' vol interessante tekenkunst en een weids uitzicht over het oude landschap met boerderijen waarin het sneeuwde op de tv, want het signaal van 'Markelo' ging over hun toestellen heen...