zondag 14 november 2010

Diskette in stijl


    De Stijl moest het het doen zonder computer en wij doen het al lang weer zonder diskette. Fontleverancier P22 maakt in deze advertentie het object weer even onsterfelijk met deze Constructivistische Font set.
In de schilderkunst speelde, kort voor de Eerste Wereldoorlog, de Russische avant-garde een opvallend belangrijke rol in de ontwikkeling van de abstracte kunst. Uit het rayonisme van Mikhaïl Larionov en het suprematisme van Kazimir Malevitsj puurde Vladimir Tatlin het bekende constructivisme.
    Na een voorschot van ƒ 600,- ontvangen te hebben van Meyer-Fierz zag Van Doesburg kans om een tijdschrift voor de groep ‘bewust abstracten’ op te richten. Van dit geld richtte hij in december 1916 een atelier in Leiden in van waaruit hij mensen begon te polsen om voor het tijdschrift te schrijven.
    Op 19 mei 1917 had hij de toezegging van Mondriaan, Van der Leck en Antony Kok. Door de grote papierschaarste, waarvan tijdens de Eerste Wereldoorlog in Nederland sprake was, en het vinden van adverteerders, kwam het eerste nummer van De Stijl pas in november 1917 uit.

donderdag 11 november 2010

Grolsch in Engeland



    Uit het analoge ringbandarchief: een détail van een billboard ergens in Zuid-Engeland in de jaren ‘80. Grolsch probeerde daar voet aan wal te krijgen met deze campagne waarin de schrijver ‘I.M.A. Phibba’ (ik ben een zuiplap) zijn held met twee vingers de fles wil laten openen.
    Bierbrouwer Grolsch heeft de omzetdaling in Groot-Brittannië slechts ten dele weten te stoppen. Vorig jaar verloor de brouwer er 5 procent van de omzet .Het verlies aan marktaandeel was door Grolsch ingecalculeerd. We hebben een derde minder promoties gedaan. Wij geloven in de kracht van bier.
    Om onze resultaten verder te verbeteren komen we met gedurfde innovaties. Een van die innovaties is een nieuwe groene fles in plaats van de oude bruine. Daarmee is Grolsch na 25 jaar uit het convenant gestapt met de andere brouwers over de vorm van de fles. Alle supermarkten hebben de nieuwe fles opgenomen. Ze geloven dus in de kracht van deze vernieuwing.
Onder de illustratie in stijl staat slecht leesbaar de tekst: As Hard As He Tried Fred Could Never Pull It Off. Dat is al wel gelukt door zijn dame, gedeeltelijk zelfs met haar outfit...

woensdag 3 november 2010

Dichtersbankje



Café Radstaak is ook een café voor wat outsiders 'lage cultuur' noemen. Eerder kwam hier al het fenomeen 'Caféracerdag' ter sprake, deze keer betreft het een bank die verzwolgen wordt. De boom vreet hem langzaam op, er is geen parkwacht die dat verhindert. Wij wijden de bank aan Jules Deelder en natuurlijk het volgende gedicht:

Blues on tuesday

Geen geld.
Geen vuur.
Geen speed.

Geen krant.
Geen wonder.
Geen weed.

Geen brood.
Geen tijd.
Geen weet.

Geen klote.
Geen donder.
Geen reet.

dinsdag 26 oktober 2010

Cultuurgoed



Textielwarenhuis "De Zon" aan de Misterstraat in Winterswijk is sinds de jaren '60 van de vorige eeuw niet meer veranderd. De etalage heeft een glazen 'eiland' waar omheen gelopen kan worden om meer en intiemer te kijken naar de waren die uitgestald zijn door twee etaleurs met elk een verschillend 'handschrift'. Binnen brandt aan het plafond een overdadig aantal tl-buizen, die een nogal onbarmhartig licht verspreiden. De lay-out van de winkel heeft de laatste modes glansrijk weerstaan en ook de uitgestalde kleding is van een tijdloos karakter. De cliëntèle komt uit de wijde omgeving om zich te voorzien van een bloemetjesschort, een lange witte onderbroek, een degelijk hoofddeksel of een corset. Wij mogen vrijelijk fotograferen van de vriendelijke eigenaar, terwijl we een gesprek hebben over de toekomst van het bedrijf. De plaats van het gebouw is gewild voor nieuwbouw, het is nog maar een kwestie van tijd voordat op een dag deze winkel plotseling zijn lichten zal doven en de etalagepoppen een andere baan moeten zoeken van de projectontwikkelaar. Als souvenir van mijn bezoek aan dit 'cultuurgoed' vraag ik een bon op naam voor mijn blauwe boerenzakdoek. "Radstaak was hier", wil ik ermee zeggen, maar wie zal daar ooit naar vragen?

Met dank aan Lies Willers van bureau Opera die mij wees op deze winkel.
Klik op de foto voor meer...

donderdag 7 oktober 2010

Uitspanning



foto: A.M.J. Radstaak

Bij het NS station Winterswijk staat een huis verkleed als uitspanning. Zijn bewoner spot met de smaak van de burgerij en haar normen en waarden. De nationale driekleur toont de verscheurdheid van het land, het hier populaire bier van de Grolsch fabriek is verruild voor Carlsberg en er wordt met een mattenklopper steun betuigd aan het Simplistisch Verbond. Ook is geprobeerd kunstobjecten te maken van gevonden voorwerpen, boven het uithangbord lijkt een olifantssnuit te hangen. Het kan zijn dat hier iemand woont die de jaren '60 van de vorige eeuw hoog wil houden. De raamsticker '65 blijft 65.nl' krijgt in dat geval een bijzondere betekenis. De zwervende waard van het café in Twente loopt naar het perron van het ooit zo belangrijke station. Misschien -denkt hij- is de Carlsbergdrinker wel de man die hij hier eens hoorde foeteren in zijn mobiel: "Komediant!, ik zeg komediant da'j der bunt!!". Zijn gedachten worden overschreeuwd door een dienstmededeling van de NS: "...door een seinstoring op het baanvak zal de trein een vertraging hebben van tenminste een kwartier en zullen sommige treinen zelfs uitvallen". Er is nog een ontsnappingsmogelijkheid: er vertrekken ook treinen in de andere richting. Helaas niet meer naar Borken in Duitsland, dat had hij wel eens willen beleven...

vrijdag 10 september 2010

Café De Moespot



foto: Louis Radstaak

Gedreven door honger en belaagd door de regen belandde de Morsige Waard op zijn omzwervingen in café 'De Moespot' aan de weg over de Oude Zuiderzeedijk van Vollenhove naar Blokzijl. Behalve een 'Volledige Vergunning' (wat klinkt dat toch raar voor een café) is de eigenaar die zich bekend maakt als Reinier Belt ook in het bezit van een voetpomp, althans voor ANWB-leden. "Daar is weinig vraag naar", zegt de glazenwrijvende uitbater, "de mensen hebben tegenwoordig zulke goeie banden onder hun dure elektrisch ondersteunde fietsen, die gaan niet meer lek!". Hij vertelt dat de naam van het café voortkomt uit het het gerecht dat ooit als enige maaltijd was te verkrijgen en gekookt werd in een pot boven het haardvuur: de moespot. De maaltijd gaf zijn benaming aan het café en dat weer aan het gehucht met dezelfde naam. Diverse verenigingen uit de buurt hebben hun vaste ontmoetingsplek in 'De Moespot'. Zoals de 'Hengstenvereniging zonder Hengst', een vereniging van boeren die die gezamenlijk een hengst hadden gekocht om hun merries mee te dekken. Toen die noodzaak wegviel, werd de laatste hengst verkocht, het geld op een rekening gezet en de rente sindsdien jaarlijks in het café verteerd. De uitbater zwijgt even en kijkt uit het raam over het weidse landschap achter de dijk. Hij monstert de Morsige Waard en meent in diens houding iets bekends waar te nemen. Woont hij misschien ook aan het water? Is hij een collega? De Waard voelt dat hij getaxeerd wordt, maar hij zwijgt over zijn herkomst en reisdoel. Goethe achterna, daar zouden ze hier niks van begrijpen. Hoewel ze hier dol zijn op schaatsen en bestaat er niet een schilderij van de jonge dichter als 'Schlittschuläufer?"

dinsdag 7 september 2010

Silo uit Usselo



foto: Louis Radstaak

Kennelijk is er een internetcafé in Usselo (Overijssel) want hoe anders zou de literair 'angehauchte' waard van Café Radstaak de verweesd achtergebleven 'vaste jongens' dit bericht bezorgd kunnen hebben? Zij stellen zich grinnikend voor hoe Oma Duck haar knecht in onvervalst Twents " Gijs!, op de bene, Foel Aos!!" toegeroepen zal hebben.

Hans Mellendijk stuurde in verband hiermee deze recensie uit De Contrabas:

Onder de bladerkronen – een nieuwe gulle bundel van H.H. Ter Balkt
Paul Demets besluit zijn recensie van Onder de bladerkronen van H.H. Ter Balkt als volgt:
"Voor ons, de googlende generatie, is het fascinerend en tegelijk vertrouwd om mee te maken hoe Ter Balkt ons van de ene naar de andere gedachte brengt, zelfs binnen één gedicht. Toen Ter Balkt voor het literaire tijdschrift Parmentier in 1998 zichzelf interviewde, antwoordde hij op de vraag ‘Wat is poëzie?’: “Alles wat je ziet, alles wat je vergeet en opslaat, in de silo’s aan de landwegen naar de hersens en het hart.”
Doordat Ter Balkt alles in zijn gedichten een plaats wil geven, worden we op een overvloed getrakteerd, die volgens mij te zeldzaam is in de poëzie in ons taalgebied."

dinsdag 24 augustus 2010

'Gesloten wegens Afwezigheid'



De Morsige Waard houdt het kennelijk even voor gezien. Op de deur van het café in Vroomshoop hangt aan een spijker deze in onhandig handschrift gebalpende boodschap. Niemand weet waar hij uithangt. Zou hij werkelijk op weg zijn naar Italië, in de karresporen van Goethe's koetsje? Of zou hij voorgoed afgereisd zijn naar Zuid Amerika, in de geest van B. Traven? Sommigen menen hem op een zondagochtend langs het kanaal gezien te hebben, brommend op zijn Kreidler Florett.

foto: Jan Kassies

vrijdag 30 juli 2010

Hobgoblin



De waard van het literaire café in Vroomshoop doet mee aan de Engelse week.
Zijn hart klopt Engels, hij vindt de Union Jack de mooiste vlag ter wereld en onlangs dacht hij met weemoed terug aan een tripje naar East Anglia.
Het landschap geschilderd door Constable, de mosterdzaadvelden, de wellevende mensen en de smakelijke bieren. Zoals het Hobgoblin van Wychwood Brewery, een hoppig roodbruin (Dark Ruby) bier dat op het web gekoppeld is aan een actie die hem doet likkebaarden. Zijn morsige vingers staan op het punt een formulier in te vullen dat hem een Royal Enfield 'Bullet' motorfiets belooft, in de speciale 'Hobgoblin' uitvoering van de brouwerij. Op de benzinetank staat zo'n kabouterachtig wezen afgebeeld, klaar om 'the hammer down' te laten gaan op een lange rit door Oxfordshire. Maar eerst sloft de eigenaar van het geletterde etablissement naar de jukebox en toetst het nummer: 'Order of the Hobgoblin' in van Alehammer.
Headbangend en luchtgitaar spelend spagaat hij door het café, grijnst als het Britse wezentje en mompelt: "Wat een teringherrie!".


Free Mp3

vrijdag 23 juli 2010

BP test gedicht lek etmaal langer

BP test gedicht lek etmaal langer

Oliemaatschappij BP gaat een etmaal langer door
met het testen van de kap over het gedicht lek
in de Golf van Mexico.

De tests begonnen donderdagavond
en zouden 48 uur duren,
maar BP wil meer onderzoek doen.

BP is vooral bezorgd over de toestand
van de boorput. De cementlaag rond de boorpijp
zou kunnen barsten, waardoor nieuwe lekken ontstaan.

De afgelopen dagen is de druk op de kap toegenomen,
maar het lek is nog altijd dicht.

BP en de Amerikaanse overheid besluiten na de test
of ze het lek dicht laten,
of dat ze de kap weghalen
om de olie op te vangen
en via schepen af te voeren.

(anoniem ready made gedicht van een nieuwstekst geschreven op de deur van de 'Scheepsjagers WC' in Café Radstaak te Vroomshoop.)

donderdag 15 juli 2010

Filosofisch



Achterhoek Spektakeltoer 2010, Bredevoort.
Agfafilm: Louis Radstaak

Onderweg naar de Brennerpas en Goethe achterna reizend, stopte de Morsige Waard in Bredevoort (Gld.). Hij zette zijn rode Moped voor het bejaardentehuis St. Bernardus en wandelde naar binnen, langs de soezende witte 'Labrador van het Huis' door het gebouw naar de lieflijke tuin, waar de Firma Weijland zich opmaakte voor een optreden in de Achterhoek Spektakeltoer. Het werd een zinderende voorstelling, met weer een nieuwe versie van hun vermoedelijke zomerhit 'Wat Mo'j, Wat Ko'j, Wat Zo'j', een klassieke verzuchting uit de bezettingstijd die hij zo vaak had gehoord op verjaardagen bij zijn ouders. De Duitsers waren de baas, je kon alleen wat zand in hun machine gooien maar verder had je weinig in te brengen. En dat terwijl ze hier aan de grens bijna broedervolkeren waren. Met het plaatselijk dialect kon je je ook redden 'aan de gunne kante', zonder dat je Hoogduits hoefde te spreken of regels van Goethe citeren. Hij dacht aan zijn vader die voor de organisatie 'Todt' gewerkt had in Isselburg en dat uitlegde met het excuus: "I'j mosten wel, anders schotten ze ow kapot!". Dat had de waard altijd wat overdreven geleken, zoals meer bij de goede man. Hij keek achterom, een aantal bejaarden zat wat verder weg te praten en te genieten van de avondzon en het concert voor lief nemend. Twee jaar geleden kuierde wijlen Simon Vinkenoog hier nog rond met zijn Edith, "Hoe vliegt de tijd" mijmerde hij...

dinsdag 13 juli 2010

Zwarte Dagen



foto: Louis Radstaak


Op 11 juli 2010 verloor Oranje van Spanje, op 12 juli kreeg het cockpitruitje van de Kreidler Florett uit 1964 een voltreffer. De Morsige Waarde toerde in de buurt van Vragender (Gld.) toen de hemel zwart kleurde en een cycloon de tenten van de Zwarte Cross losrukte, evenals de torenspits van de RK Kerk in het dorp. De Waard zag het met verbijstering aan vanuit een schuilplek. Toen het onweer voorbij was stapte hij weer op zijn brommer uit het land van Sturm und Drang en zigzagde voorzichtig verder over wegen vol takken in het gehavende landschap. Wat heeft dit te betekenen, vroeg de Waard zich af, is het een straf van de Almachtige?
Maar waarom tegelijk een Godshuistorenspits en de Zwarte Cross tenten? Heeft het volk het Voetbal te veel aanbeden? Peinzend bromde hij voort, terwijl hij steeds moest kijken naar de bal en zijn ster in de ruit van de cockpit.

zaterdag 3 juli 2010

Kreidler mit Soziussitz



foto: Louis Radstaak, 2010, locatie: Halle (Gld.)

De 'Halse Kermis' verspert de straat voor de helft, dat maakt een stoplicht noodzakelijk voor het ontstane eenrichtingsverkeer. Het wordt donker, een onweersbui nadert. De automobilist wacht geduldig achter een oudere jongere met ballonkuiten in korte broek, zittend op zijn Kreidler. Het is de Morsige Waard, die een dagje is gaan toeren op zijn Duitse kwaliteitsbrommer. Wat gaat er om in dat hoofd onder die matzwarte helm? Is dit een voorbereiding op zijn reis, in de voetsporen van de grote Duitse dichter? Er is al veel gedold met Goethe, maar op een Moped naar Italië is nog niet vertoond. "Es ist der Vater mit seinem Sohne Fritz, auf Kreidler mit Soziussitz...", hoort de automobilist de waard zachtjes zingen door het open raam van zijn auto. De rest van de tekst verwaait in het optrekkende verkeer als het stoplicht op groen springt in Halle.

dinsdag 22 juni 2010

De Morsige Waard in Weimar



"...vorausgesetzt dass er noch dort ist"

Aan de gevel van het ACC café in Weimar - waar Goethe eens kort woonde - hangt deze 'Leuchtschrift' van David Mannstein (1958). Het kunstwerk met de bovenstaande titel is een bewerking van een briefwisseling door Emil Ulbrich met zijn verwanten over het leven tussen 1946 en 1950 in de DDR.
De waard was ontroerd door dit document op een zachte avond in mei, geholpen door enkele glazen witte wijn. Zoiets wil ik ook, dacht hij, misschien moet ik eens weg uit dat café aan het Zwolse kanaal in Twenterand, de wijde wereld in, net als Goethe.

woensdag 16 juni 2010

Vuvuzela of Midwinterhoorn?



Vroomshoop viert overwinning van Nederland op Denemarken.

Dezer dagen loopt de Morsige Waard rond met oordopjes, die zijn toch al begroeide gehoorgaten nu geheel vullen. Vanwege de omzet in zijn café moet hij de herrie dulden, maar hij haat die Zuidafrikaanse toeter uit het diepst van zijn weemoedige hart. Was het maar weer midwinter, waarin hij zijn geliefde klaaglijk klinkende hoorns zou kunnen horen in het oude Twentse landschap.
Zijn dorpsgenoten zijn dol op het geluid van de 'Vuvuzela' en 'gaan uit hun dak' op deze rotonde. Zaterdag 19 juni aanstaande zal het weer zover zijn of zou de geblondeerde nr. 18 van Japan, Keisuke Honda daar een stokje voor steken? De kastelein besluit zijn motorfiets met dezelfde naam eens mooi op te poetsen om zo zijn klandizie een spiegel voor te houden...

woensdag 9 juni 2010

Stembus




Aan het einde van een spannende verkiezingsdag kwam als een Deus Ex Machina deze bus Vroomshoop binnen rijden en stopte bij Café Radstaak. De dichteres en conductrice Ria Moons stapte uit en droeg het volgende gedicht voor:


Instituut voor praktische poëzie

we rijden rond en zien
in alles poëzie
een sprietje gras,
een vergezicht
dat inklinkt
tot gedicht

zo krijgen alle dingen
hun welverdiende waarde
wat groot is
wordt klein, wat klein is
veert op
zo zetten wij de wereld
op zijn kop.

© Ria Moons

woensdag 21 april 2010

Voertuig


afbeelding: Trigger Technics BV.

Voertuig

De morsige waard wreef zich de ogen uit: wat kwam daar nou aan? Een knalgele driewieler met twee inzittenden bewoog zich voort langs het kanaal en sloeg af richting dorpskern. In het voorbijgaan kon hij nog net een opschrift lezen: HiPP, Het instituut Praktische Poëzie. Verbaasd keek hij de twee na, dichters op maandagmiddag in Vroomshoop, het minst poëtische tijdstip van de week in het dorp in Twenterand. Gingen zij daar iets aan doen? Een voordracht bij de Puntkolkbrug of een andere plek in het nijvere plaatsje? Hij krabde zich op het kalende hoofd, sjorde aan zijn bretels en zette zich weer aan het raam bij een tafeltje met de Tubantia. "Het is misschien wel een handig ding, zo'n scootercar", dacht hij, "je hebt nog bekijks ook". Hij maakte er een notitie van in het kladblokje met de naam 'bedrijfsplan Café Radstaak' en zuchtte eens diep...

vrijdag 26 maart 2010

Veurjoar in de kop



























Veurjoar in de kop

De boeren vlaaigen over 't laand
Op klaai op zoavel en op zaand
Want elk en ain het 't veujoar in de kop
'k Heb mien sjelutten de aal weer in
'k Bin nooit zo loat da's mie te min,
Want elk en ain het 't veujoar in de kop

De koater mit zien dikke kop
Die springt ter mor weer bovenop
Dus moezevangers heb ik straks genog
Op bozzem stoan de waalze bonen
En Gittje is kwoad want dij wil schonen
Want elk en ain het 't veujoar in de kop

De boeren zaaien de eerste baiten
Mit Poaske goan we neuten schaiten
Want elk en ain het 't veujoar in de kop
Ons jong dij in slootswale zit
Dij vangt zien eerste kikkerrit
Want elk en ain het 't veujoar in de kop

Oet Sodem kwam 'n envelop
Doar ston 't woord "belasten" op
Ek wer glad kel ik docht dat kost mie centen.
Ik muik hom open las hom vlug,
Verdold - ik kreeg nog wat terug
Want elk en ain het 't veujoar in de kop

Wat hevve lekker stamppot had
Mor leeg is nou 't sniebonenvat
Want elk en ain het 't veujoar in de kop
De klaaier worden op 't wasrik hongen
En guster het 'n liester zongen
Want elk en ain het 't veujoar in de kop

Mien ootje kocht zich 'n nij gebit
Omdat heur ol' nait goud meer zit
En wie wollen van 't gerabbel wel es of
De zun die stekt de lucht is blauw,
Wie goanen weer noar de zummer tou
Want elk en ain het 't veujoar in de kop

© Ede Staal

woensdag 24 maart 2010

Taalprijs

Taalprijs

Gebogen over zijn geliefde Tubantia leest de kalende waard het nieuws over de uitreiking van de taalprijs aan Mark van Bommel. Hij steekt zijn vingers achter de bretels, hijst zijn broek op en duwt de bril omhoog op zijn neus.
"Een voetballer die met de Taalprijs aan de haal gaat, hoe is het mogelijk?", verzucht hij. De uitbater houdt niet erg van voetbal, maar vangt genoeg op bij Studio Sport om telkens kromme tenen te krijgen van hijgende sterren die hijgerige vragen van reporters moeten beantwoorden. Zodra de taal speeltijd krijgt begint het geouwehoer in de voetballerij.
Wat kan die van Bommel gezegd hebben, peinst hij hangend over de tapkast.
"Jongens waren we - maar aardige jongens (Titaantjes, Nescio), vooral in de eerste helft".
"Onze eeuw is in essentie tragisch, (Lady Chatterley's Lover, D.H. Lawrence) dus weigeren we het verlies tragisch op te vatten".
"Heel lang ben ik vroeg naar bed gegaan, (Op zoek naar de verloren tijd, Marcel Proust) dat leek me beter voor het ritme".
"Het was een heldere koude dag in april, en de klokken sloegen dertien, (1884, George Orwell) we hadden het initiatief".
De waard vouwt de krant dicht, kijkt naar de waterhoentjes op het kanaal en aan een sneer van Louis van Gaal: "Journalist ist auch ein Fach".
Gnuivend zet de eigenaar van het wrakke café zijn oude iMac aan en spoort hij de Grote Oefenmeester op in Google. Hij leest over diens derde plaats in een Duitse taalprijs:

MÜNCHEN - De man die de Duitse taal verrijkte met nieuwe woorden als 'löfeltje, löfeltje' heeft in Duitsland een taalprijs gewonnen. Louis van Gaal, trainer van topclub Bayern München, werd verkozen op de derde plaats bij 'Die Sprachwahrer des Jahres 2009' vanwege zijn ,,voorbeeldige inzet'' voor de Duitse taal.
De prijs wordt jaarlijks toegekend door Die Deutsche Sprachwelt (DSW), een tijdschrift over de Duitse taal.

Voordat Van Gaal vorig jaar zomer in Beieren aan de slag ging volgde hij een week lang een intensieve cursus Duits. Bovendien viel bij het tijdschrift in de smaak dat hij van niet-Duitse spelers verwacht dat ze in 'no-time' de Duitse taal beheersen.

Beroemd in Duitsland is het zinnetje dat Van Gaal uitsprak bij zijn presentatie bij Bayern in juli. ,,Wer in Deutschland spielt, muß sich der Kultur anpassen. Dazu gehört die Sprache.''

Saillant aan de nieuwe taaldiscussie die Van Gaal bij Bayern introduceerde, is dat oud-trainer Jurgen Klinsmann enkele jaren geleden juist het Engels als voertaal had ingevoerd bij de Duitse Recordmeister.

Van Gaal was moest CSU-politicus Karl-Theodor zu Guttenberg en schrijver/journalist Ulrich Wickert voor zich dulden op het podium van de taalprijs.


De zwaarlijvige Twentse caféhouder schenkt zichzelf grinnikend zijn eerste koffie in en mompelt: "Alles vom Wirt ist wehrlos".

vrijdag 12 maart 2010

Jan des Bouvrie (3)


'Die zijn van de GAMMA en komen het interieur verbouwen'
(Scene uit de nachtmerrie van de waard)


Sjaak en Freek-Willem (die twee van de GAMMA) lieten er geen gras over groeien, de schets van Jan werd met verve uitgevoerd. De ouwe meubelmeuk van de waard ging in de container en het interieur werd hagelwit gesausd. De Rotterdammers zongen er levensliederen bij en maakten woordgrappen als: "Design van de Gamma! Neehheej, Die zijn van de Gamma!!". De zwartwerkers hadden de grootste lol, toen ze een houten aap ophingen aan het plafond. "Heej, die' s van Chuck Berry", zei Sjaak, "da's Too Much Monkey Business!". Ze hikten van het lachen om hun eigen humor. Natuurlijk hingen ze ook het zelfportret van des Bouvrie op, hij had toen nog donkere krullen en een tv-bril. De stamtafel werd vervangen door een Lounge-set, de spotjes gemonteerd en als laatste de staande lamp, model Droogkap.
De waard schrok wakker, de Tubantia van woensdag met het nieuws over de bekende interieurontwerper Jan des Bouvrie lag verkreukeld op zijn dekens. Hij stommelde naar de gelagkamer, gelukkig was alles nog hetzelfde.
Hij zette de radio aan en hoorde een verontwaardigde des Bouvrie over zijn nacht op het politiebureau, de waard grinnikte over het voorval. De dag hing zwaarbewolkt boven het bouwvallige café aan de waterweg in Twente. "Strak en recht", dacht de waard over het kanaal, "net als het design van des Bouvrie". Hij zuchtte en dacht toen: "Eigenlijk hou ik meer van slingerend".

donderdag 11 maart 2010

Jan des Bouvrie (2)


'Blauwdruk voor Café R.'
CC: Jan des Bouvrie


De volgende ochtend kon men een katterige interieurontwerper zien zitten tekenen aan een tafeltje voor het raam van het Twentse café.
Duidelijk was hem aan te zien dat hij iets te veel had ingenomen de vorige avond, terwijl Justitie op hem jaagde en zijn Monique de pers probeerde wijs te maken dat hij naar de TEFAF was, die beurs voor kapitaalkrachtige estheten. "Mijn God, wat een ellende", verzuchtte hij, terwijl hij naar de inboedel van de morsige waard keek. Hier moest radicaal ingegegrepen worden, al het ronde, krullerige en rustieke zou plaats maken voor rechthoekig, wit en strak, geheel volgens de grote meester Adolf Loos en zijn uitspraak: Ornament ist ein Verbrechen. Hij tekende met zijn linkerpootje op het tekentablet een nieuw caféinterieur, noemde het 'Blauwdruk voor Café R.' en verzond het draadloos naar zijn geliefde Arsenaal in Naarden, met een Carbon Copy voor de GAMMA. Hij leunde tevreden achterover en keek uit over het roerloze kanaal van het dorp met de wonderlijke naam. Aan de overkant zag hij een statig huis uit de jaren twintig van de vorige eeuw met de naam 'Espérance'. Des Bouvrie was dan wel dyslectisch, maar dit was geen Frans voor hem. "Hoop", zei hij zachtjes, "ik moet hoop houden in deze nare situatie."
(wordt vervolgd)

woensdag 10 maart 2010

Jan des Bouvrie (1)


Het interieur van Café Radstaak.
foto: Jan Kassies.


Op een koude dag in maart meldde zich een goed geklede heer aan de bar van het krakkemikkige café aan het kanaal naar Zwolle. Hij zette zijn hoed af en gedroeg zich wat schichtig. "Kun je een geheim bewaren?" vroeg hij aan de waard die hem vorsend aankeek. "Ik ben Jan des Bouvrie, de bekende meubelontwerper, maar ik word gezocht door Justitie. Ze denken dat ik gefraudeerd heb met vastgoed, maar ik doe alleen in witgoed. Ik was op weg naar de TEFAF in Maastricht, maar het leek me beter daar niet rond te lopen. Kan ik hier een tijdje onderduiken?"
De waard knikte, er kwamen wel vaker zulke gevallen, maar een meneer uit de designwereld kende hij nog niet. "Geheimhouding verzekerd, zet je auto maar achter de scheepsjagerswc, daar ziet niemand hem", maande hij de grijzende, gebrilde zestiger. Deze verdween om zijn zwarte Porsche te verbergen en bestelde bij terugkomst een Heineken Xtra Cold biertje. Hij keek wat misprijzend om zich heen naar het gedateerde interieur.
De inrichting van Café Radstaak voldeed aan alle eisen van een bruin café, maar om nou te zeggen dat het een wonder van 'design' was: neen. De waard dacht wel over vernieuwing, maar het kwam er gewoon niet van in deze crisistijd. Hij volgde de blik van de ontwerper en kwam op een praktische gedachte: "De ene dienst is de andere waard". Hij zou meneer des Bouvrie vragen een nieuw meubilair te verzorgen, in ruil voor zijn geheimhouding. Zo gezegd, zo gedaan, de twee heren beklonken de deal met tinkelende glazen. "Hij ziet er zo eerlijk uit", dacht de waard, "misschien heeft hij foute vrienden in dat vastgoed".

woensdag 10 februari 2010

'Brits'


illustratie: Louis Radstaak©

De waard leunde op de tapkast en sloeg de Tubantia open. Zijn aandacht ging naar het bericht: Britse hindoe mag op brandstapel. Nieuwsgierig las hij verder: Een Britse hindoe mag na zijn dood worden gecremeerd op een brandstapel. De lokale autoriteiten in Newcastle hadden zijn verzoek afgewezen, maar het hof van beroep gaf hem alsnog toestemming. De man van 71 wil worden gecremeerd op een openluchtbrandstapel in het noorden van Engeland. Van de gemeenteraad kreeg hij nul op het rekest wegens een verbod op het verbranden van menselijke resten buiten een crematorium. De rechters wezen het verzoek toe omdat de man heeft beloofd de brandstapel af te schermen met een dakconstructie. De man zegt dat zo'n crematie essentieel is voor het bevrijden van zijn geest.
De waard liet dit bericht tot zich doordringen, staarde naar buiten en dacht aan een foto die hij maakte in Groot Brittanië, ergens in de jaren '70.
Het was in een van die warme zomers waarin het hele eiland in korte broek liep, ook de keurig geklede magere man voor zijn lens. Waarschijnlijk een boekhouder op weg naar het kantoor. Een heel normaal uitziende man, alleen waren zijn broekspijpen ingekort tot ver boven zijn knokige knieën. Zijn voeten stonden in grijze sokken op gaatjesschoenen die de pas erin hadden, hij was mogelijk aan de late kant.
Was het die man misschien? Hij zou de dia eens gaan opzoeken in zijn archief.
De caféhouder wist weinig van Hindoe's, bevrijding van de geest door die het vuur aan de schenen te leggen leek hem wat overdreven. En hoe kon de geest dan weg in die dakconstructie? Hij probeerde zich de toestand voor te stellen, ergens in de heuvels rond Newcastle. Stel dat het die man was, dan lag hij daar in zijn nette pak met korte broek. De brandweer staat paraat als de brandstapel wordt aangestoken, de vlammen bereiken het stoffelijk overschot dat tenslotte de geest geeft. Sommigen menen het ca. 2 gram zware fenomeen te zien opstijgen. Na enige tijd ligt er een hoop as met knoken en geeft de commandant het sein 'Brand meester'. Het korps rukt in en de toeschouwers blijven bedremmeld achter. Ergens klinkt muziek, hij hoort een doedelzak en krijgt koude rillingen...
De uitbater schrikt op uit zijn gemijmer en merkt dat de jukebox is gaan spelen, zomaar uit zichzelf. Hij moet denken aan een regel uit een gedicht van Ida Gerhardt: "...suf hokt de ziel in een verdord karkas." Het is weer gaan sneeuwen, het is zo'n eindeloze winter die van geen wijken weet. Hij maakt voor zichzelf een Pernod met ijs klaar, ijs moet met brandende anijs bestreden worden is zijn filosofie.