vrijdag 26 maart 2010

Veurjoar in de kop



























Veurjoar in de kop

De boeren vlaaigen over 't laand
Op klaai op zoavel en op zaand
Want elk en ain het 't veujoar in de kop
'k Heb mien sjelutten de aal weer in
'k Bin nooit zo loat da's mie te min,
Want elk en ain het 't veujoar in de kop

De koater mit zien dikke kop
Die springt ter mor weer bovenop
Dus moezevangers heb ik straks genog
Op bozzem stoan de waalze bonen
En Gittje is kwoad want dij wil schonen
Want elk en ain het 't veujoar in de kop

De boeren zaaien de eerste baiten
Mit Poaske goan we neuten schaiten
Want elk en ain het 't veujoar in de kop
Ons jong dij in slootswale zit
Dij vangt zien eerste kikkerrit
Want elk en ain het 't veujoar in de kop

Oet Sodem kwam 'n envelop
Doar ston 't woord "belasten" op
Ek wer glad kel ik docht dat kost mie centen.
Ik muik hom open las hom vlug,
Verdold - ik kreeg nog wat terug
Want elk en ain het 't veujoar in de kop

Wat hevve lekker stamppot had
Mor leeg is nou 't sniebonenvat
Want elk en ain het 't veujoar in de kop
De klaaier worden op 't wasrik hongen
En guster het 'n liester zongen
Want elk en ain het 't veujoar in de kop

Mien ootje kocht zich 'n nij gebit
Omdat heur ol' nait goud meer zit
En wie wollen van 't gerabbel wel es of
De zun die stekt de lucht is blauw,
Wie goanen weer noar de zummer tou
Want elk en ain het 't veujoar in de kop

© Ede Staal

woensdag 24 maart 2010

Taalprijs

Taalprijs

Gebogen over zijn geliefde Tubantia leest de kalende waard het nieuws over de uitreiking van de taalprijs aan Mark van Bommel. Hij steekt zijn vingers achter de bretels, hijst zijn broek op en duwt de bril omhoog op zijn neus.
"Een voetballer die met de Taalprijs aan de haal gaat, hoe is het mogelijk?", verzucht hij. De uitbater houdt niet erg van voetbal, maar vangt genoeg op bij Studio Sport om telkens kromme tenen te krijgen van hijgende sterren die hijgerige vragen van reporters moeten beantwoorden. Zodra de taal speeltijd krijgt begint het geouwehoer in de voetballerij.
Wat kan die van Bommel gezegd hebben, peinst hij hangend over de tapkast.
"Jongens waren we - maar aardige jongens (Titaantjes, Nescio), vooral in de eerste helft".
"Onze eeuw is in essentie tragisch, (Lady Chatterley's Lover, D.H. Lawrence) dus weigeren we het verlies tragisch op te vatten".
"Heel lang ben ik vroeg naar bed gegaan, (Op zoek naar de verloren tijd, Marcel Proust) dat leek me beter voor het ritme".
"Het was een heldere koude dag in april, en de klokken sloegen dertien, (1884, George Orwell) we hadden het initiatief".
De waard vouwt de krant dicht, kijkt naar de waterhoentjes op het kanaal en aan een sneer van Louis van Gaal: "Journalist ist auch ein Fach".
Gnuivend zet de eigenaar van het wrakke café zijn oude iMac aan en spoort hij de Grote Oefenmeester op in Google. Hij leest over diens derde plaats in een Duitse taalprijs:

MÜNCHEN - De man die de Duitse taal verrijkte met nieuwe woorden als 'löfeltje, löfeltje' heeft in Duitsland een taalprijs gewonnen. Louis van Gaal, trainer van topclub Bayern München, werd verkozen op de derde plaats bij 'Die Sprachwahrer des Jahres 2009' vanwege zijn ,,voorbeeldige inzet'' voor de Duitse taal.
De prijs wordt jaarlijks toegekend door Die Deutsche Sprachwelt (DSW), een tijdschrift over de Duitse taal.

Voordat Van Gaal vorig jaar zomer in Beieren aan de slag ging volgde hij een week lang een intensieve cursus Duits. Bovendien viel bij het tijdschrift in de smaak dat hij van niet-Duitse spelers verwacht dat ze in 'no-time' de Duitse taal beheersen.

Beroemd in Duitsland is het zinnetje dat Van Gaal uitsprak bij zijn presentatie bij Bayern in juli. ,,Wer in Deutschland spielt, muß sich der Kultur anpassen. Dazu gehört die Sprache.''

Saillant aan de nieuwe taaldiscussie die Van Gaal bij Bayern introduceerde, is dat oud-trainer Jurgen Klinsmann enkele jaren geleden juist het Engels als voertaal had ingevoerd bij de Duitse Recordmeister.

Van Gaal was moest CSU-politicus Karl-Theodor zu Guttenberg en schrijver/journalist Ulrich Wickert voor zich dulden op het podium van de taalprijs.


De zwaarlijvige Twentse caféhouder schenkt zichzelf grinnikend zijn eerste koffie in en mompelt: "Alles vom Wirt ist wehrlos".

vrijdag 12 maart 2010

Jan des Bouvrie (3)


'Die zijn van de GAMMA en komen het interieur verbouwen'
(Scene uit de nachtmerrie van de waard)


Sjaak en Freek-Willem (die twee van de GAMMA) lieten er geen gras over groeien, de schets van Jan werd met verve uitgevoerd. De ouwe meubelmeuk van de waard ging in de container en het interieur werd hagelwit gesausd. De Rotterdammers zongen er levensliederen bij en maakten woordgrappen als: "Design van de Gamma! Neehheej, Die zijn van de Gamma!!". De zwartwerkers hadden de grootste lol, toen ze een houten aap ophingen aan het plafond. "Heej, die' s van Chuck Berry", zei Sjaak, "da's Too Much Monkey Business!". Ze hikten van het lachen om hun eigen humor. Natuurlijk hingen ze ook het zelfportret van des Bouvrie op, hij had toen nog donkere krullen en een tv-bril. De stamtafel werd vervangen door een Lounge-set, de spotjes gemonteerd en als laatste de staande lamp, model Droogkap.
De waard schrok wakker, de Tubantia van woensdag met het nieuws over de bekende interieurontwerper Jan des Bouvrie lag verkreukeld op zijn dekens. Hij stommelde naar de gelagkamer, gelukkig was alles nog hetzelfde.
Hij zette de radio aan en hoorde een verontwaardigde des Bouvrie over zijn nacht op het politiebureau, de waard grinnikte over het voorval. De dag hing zwaarbewolkt boven het bouwvallige café aan de waterweg in Twente. "Strak en recht", dacht de waard over het kanaal, "net als het design van des Bouvrie". Hij zuchtte en dacht toen: "Eigenlijk hou ik meer van slingerend".

donderdag 11 maart 2010

Jan des Bouvrie (2)


'Blauwdruk voor Café R.'
CC: Jan des Bouvrie


De volgende ochtend kon men een katterige interieurontwerper zien zitten tekenen aan een tafeltje voor het raam van het Twentse café.
Duidelijk was hem aan te zien dat hij iets te veel had ingenomen de vorige avond, terwijl Justitie op hem jaagde en zijn Monique de pers probeerde wijs te maken dat hij naar de TEFAF was, die beurs voor kapitaalkrachtige estheten. "Mijn God, wat een ellende", verzuchtte hij, terwijl hij naar de inboedel van de morsige waard keek. Hier moest radicaal ingegegrepen worden, al het ronde, krullerige en rustieke zou plaats maken voor rechthoekig, wit en strak, geheel volgens de grote meester Adolf Loos en zijn uitspraak: Ornament ist ein Verbrechen. Hij tekende met zijn linkerpootje op het tekentablet een nieuw caféinterieur, noemde het 'Blauwdruk voor Café R.' en verzond het draadloos naar zijn geliefde Arsenaal in Naarden, met een Carbon Copy voor de GAMMA. Hij leunde tevreden achterover en keek uit over het roerloze kanaal van het dorp met de wonderlijke naam. Aan de overkant zag hij een statig huis uit de jaren twintig van de vorige eeuw met de naam 'Espérance'. Des Bouvrie was dan wel dyslectisch, maar dit was geen Frans voor hem. "Hoop", zei hij zachtjes, "ik moet hoop houden in deze nare situatie."
(wordt vervolgd)

woensdag 10 maart 2010

Jan des Bouvrie (1)


Het interieur van Café Radstaak.
foto: Jan Kassies.


Op een koude dag in maart meldde zich een goed geklede heer aan de bar van het krakkemikkige café aan het kanaal naar Zwolle. Hij zette zijn hoed af en gedroeg zich wat schichtig. "Kun je een geheim bewaren?" vroeg hij aan de waard die hem vorsend aankeek. "Ik ben Jan des Bouvrie, de bekende meubelontwerper, maar ik word gezocht door Justitie. Ze denken dat ik gefraudeerd heb met vastgoed, maar ik doe alleen in witgoed. Ik was op weg naar de TEFAF in Maastricht, maar het leek me beter daar niet rond te lopen. Kan ik hier een tijdje onderduiken?"
De waard knikte, er kwamen wel vaker zulke gevallen, maar een meneer uit de designwereld kende hij nog niet. "Geheimhouding verzekerd, zet je auto maar achter de scheepsjagerswc, daar ziet niemand hem", maande hij de grijzende, gebrilde zestiger. Deze verdween om zijn zwarte Porsche te verbergen en bestelde bij terugkomst een Heineken Xtra Cold biertje. Hij keek wat misprijzend om zich heen naar het gedateerde interieur.
De inrichting van Café Radstaak voldeed aan alle eisen van een bruin café, maar om nou te zeggen dat het een wonder van 'design' was: neen. De waard dacht wel over vernieuwing, maar het kwam er gewoon niet van in deze crisistijd. Hij volgde de blik van de ontwerper en kwam op een praktische gedachte: "De ene dienst is de andere waard". Hij zou meneer des Bouvrie vragen een nieuw meubilair te verzorgen, in ruil voor zijn geheimhouding. Zo gezegd, zo gedaan, de twee heren beklonken de deal met tinkelende glazen. "Hij ziet er zo eerlijk uit", dacht de waard, "misschien heeft hij foute vrienden in dat vastgoed".