maandag 15 oktober 2012

Europazegels 1986


foto: Ron Scherpenisse

De Morsige Waard wist niet wat hij zag: een postzegel aan de wand in het café Scherpenisse te Bergen op Zoom! Zijn familielid Louis had het tot hier geschopt, aan de rand van Noord Brabant, ondertekend op 19-5-2012. Hij ging er even bij zitten en bestelde een zwaar bier. Dit heuglijke feit moest hij tot zich door laten dringen: deze neef had er toch maar werk van gemaakt, met hulp van de kopiëermachine, diens enige technische bezit. De eerste zegel met die machine, het was een wereldwonder! Tegelijk was het ook de laatste, deze (zoals de Waard dacht): 'Jeugdzonde'...

vrijdag 5 oktober 2012

Bierviltjespoëzie




Bierviltje met kladhandschrift van Jan Kal, november 1998.
Het gedicht, dat Kal schreef naar aanleiding van de vierde druk van het boek van Nico Scheepmaker, werd gepubliceerd in het Nieuw Letterkundig Magazijn (december 1998).
Collectie Jan Kal, Amsterdam

J.C. II: Cruijff, Hendrik Johannes, fenomeen

Zo'n boek zal over je geschreven wezen!
Je denkt eerst aan een commercieel verhaal,
dat je door meer een speler met de taal
buiten je samenwerking wordt geprezen.

De mensen wie dit boek hebben gelezen
vinden zijn denkwijze fenomenaal,
maar dat ontging je vroeger helemaal
en had je van zo'n type niks te vrezen.

Ik denk je doet een ander toen tekort,
en was op zijn terrein hij ook zo een
meer als jezelf, maar niet dezelfde sport.

Dus Cruijff, Hendrik Johannes, fenomeen
lerende kennende, door merg en been,
waardeer je erger als je ouder wordt.

Jan Kal

Eenhoorn

foto: A.M.J. Radstaak

Dit is wat raadselachtig: een hevel bij een stuw. Komen er zulke grote boten langs deze Slinge die stroomt langs Ruurlo? Of zijn ze smal en zwaar? En er zit slechts één katrol op, waar is de andere? Deze gedachten gingen door het brein van de waard uit Vroomshoop, die hier langskwam op zijn brommer. Terwijl hij keek kwamen er paarden langs die over de draad snuffelden, mooie paarden, renpaarden. Het zou een paard geweest zijn dat kon zwemmen en hier uit de beek getakeld werd en iets lager weer verder ging met lange slagen, op weg naar de samenvloeiing met de Berkel. Het beest was een eenhoorn en kwam uit Eden, waar hij vredig leefde met Eva en Adam, dat zei hij althans toen hij de waard figuurlijk voorbij zwom. Deze schudde zijn hoofd, als om zijn fantasieën kwijt te raken en begaf zich weer op weg naar Ruurlo, een erg gewoon dorp in de Achterhoek waar ooit de man leefde die G.J. Heijn doodde. Lees meer bij: http://louisradstaakgedichten.blogspot.nl/2010/03/blessuretijd.html